Essay: het publiek als speelbal?

Bij binnenkomst in de zaal is het al duidelijk... het publiek is onderdeel van deze voorstelling. We hebben de keuze, ietwat ongemakkelijk hangen in een grote fatboy of de veilige tribune.

De keuze is niet moeilijk... ik kies er voor om het mee te maken en nestel me in één van de grote zitzakken die van het decor een plek maken waar een groot deel van het publiek welkom is.

De voorstelling begint, een stroom van woorden, filosofische teksten over oorlogseconomie, oorlogsvoering, oorlogsgeschiedenis komt op gang om 90 minuten lang als één stroom van informatie de ruimte in te worden geslingerd.

Ondanks deze rijstebrij van tekst ervaar ik de voorstelling als... Nee... niet 'als'... Ik ervaar de voorstelling (punt) !

De tekst gaat voor een groot deel aan me voorbij. Ik maak deel uit van de speelvloer, krijg wat te drinken... moet ik het wel of niet delen met degene die samen met mij op de zitzak zit? Ach wat... we delen.

Het ervaren gaat door, we worden verplaatst, aangeraakt. De aanraking wordt fysiek. Het licht gaat uit, de tekst gaat maar door en door en door.

Joachim Robbrecht bracht in 2005 een bezoek aan Berlijn om 3 voorstellingen zien. Al in de inleiding benoemt hij de relatie tussen beeld én tekst wanneer hij, door het zien van een straatnaambordje, zich realiseert dat ooit het beeld ondergeschikt was aan beeld terwijl we nu in een tijd leven waar woorden vaak slechts een onderschrift vormen bij beelden.

Brokstukken van de inspiratie voor The Great Warmachine zijn daar in Berlijn al zichtbaar. Robbrecht bezoekt de voorstelling Pratar Saga 1. Het publiek zit in het midden van het spel. Het theater wordt rondom hen gespeeld, grote delen van de tekst met een hoog theoretisch gehalte zijn een worsteling voor de acteurs. In zijn beschrijving bemerk ik bij Robbrecht een zelfde ervaring die ik 9 jaar later in zijn voorstelling zal hebben... maar hij doet er nog een flinke schep boven op.

De tekst in The Great Warmachine ervaar ik alleen nog maar als een middel om alle beelden en de ervaring te versterken. Een spervuur van woorden die hun betekenis lijken te verliezen en alleen nog illustratief zijn voor de omgeving waarin we terecht gekomen zijn. Voor mij doet het er niet meer toe dat ik de tekst maar voor de helft versta, het is onderdeel geworden van het beeld alsof er een televisie op de achtergrond aan staat waar constant 3 actualiteiten programma's tegelijk te zien zijn. De inhoud is vast relevant, maar is niet meer los te weken uit van de omgeving.

Inmiddels ben ik deelgenoot geworden van deze voorstelling en voel een opwinding over het mee mogen doen en daardoor tegelijkertijd ook een weerstand. Ga ik zo makkelijk mee in deze euforie? Ja, zo gemakkelijk gaat dat. Ik laat het me gebeuren en voel me er goed bij.

Na de voorstelling blijkt dat een door mij erg gewaardeerde theatermaker in de zaal zat. Bijna briesend verlaat hij de zaal. Dat brengt bij mij verwarring. Wat was er dan zo 'slecht' aan deze voorstelling? Waar heb ik iets gemist? Nee, stop... ik zat zelf in de zaal ik heb iets ervaren. Dat is door de makers bij me losgemaakt en daar draait het uiteindelijk om.

Steeds vaker kiezen theatermakers/performers er voor om het publiek te betrekken in hun voorstelling. Voorstellingen als Datingshow van Eldridge Labinjo (een date workshop), Emergency Plan van Rita Vilhena (performance) of Hello, my name is van Nicola Gun ('workshop' Social Transformance) vragen van ons als publiek om óf mee te doen óf de zaal te verlaten. Niet meedoen lijkt geen optie meer.

Wordt het publiek daarmee een speelbal waar de performer of theatermaker mee kan doen wat zij/hij wil? Misschien wel... maar je kunt als publiek altijd al zelf bepalen of je bij een voorstelling wilt blijven zitten of bepalen dat het niet je ding is en vertrekken. Maar weet wel dat als je de deur van het gespeelde theater achter je dicht laat slaan je weer buiten staat... in het theater dat leven heet en waaruit je niet zo maar kunt ontsnappen:

All the world's a stage,

And all the men and women merely players;
They have their exits and their entrances,
And one man in his time plays many parts...


 

Bronnen:

  • Theaterschrift Lucifer #2: Totaalspektakel Berlijn door Joachim Robbrecht:
  • William Shakespeare: As you like it.
  • Voorstelling The Great Warmachine, regie Joachim Robbrecht